Erfbelasting en erfrecht in 2026: dit verandert
Sinds 1 januari 2026 gelden nieuwe fiscale regels rond nalatenschappen en schenkingen. De belangrijkste wijzigingen gaan over de termijn voor aangifte erfbelasting, de fiscale behandeling van biologische kinderen, schenkingen binnen 180 dagen voor overlijden en ongelijke vermogensverdelingen tussen partners.
Veel veranderingen zitten in de schenk- en erfbelasting. Ze veranderen niet automatisch wie volgens het civiele erfrecht erfgenaam is.
1. Twintig maanden voor de aangifte erfbelasting
Bij een overlijden in 2026 of later moet de aangifte erfbelasting binnen 20 maanden na de overlijdensdatum bij de Belastingdienst binnen zijn. Bij overlijdens in 2025 of eerder was de reguliere termijn 8 maanden.
De langere termijn geeft erfgenamen meer ruimte om gegevens te verzamelen en de nalatenschap in kaart te brengen. Wacht desondanks niet onnodig: de afwikkeling van bankzaken, woning, schulden en andere verplichtingen loopt gewoon door.
2. Biologische kinderen fiscaal gelijkgesteld
Een biologisch kind dat juridisch niet als kind geldt, kan vanaf 2026 voor de schenk- en erfbelasting onder voorwaarden toch worden behandeld als kind. Daardoor kunnen het kindtarief en de kindvrijstelling gelden. Het biologische ouderschap moet kunnen worden aangetoond, bijvoorbeeld met een DNA-test.
Belangrijk: deze fiscale gelijkstelling maakt iemand niet automatisch civielrechtelijk erfgenaam. Als een biologisch kind geen juridische familieband heeft en u wilt dat het van u erft, laat dan notarieel beoordelen of een testament nodig is.
3. Schenkingen binnen 180 dagen voor overlijden
Een schenking binnen 180 dagen voor het overlijden wordt in veel gevallen als onderdeel van de erfenis behandeld. Bij een overlijden in 2026 wordt het relevante deel in de aangifte erfbelasting opgenomen en wordt daar niet daarnaast opnieuw schenkbelasting over geheven.
Bij een schenking door twee personen, bijvoorbeeld ouders met gezamenlijk vermogen, kan voor het deel van de nog levende schenker wel aangifte schenkbelasting nodig zijn. Ook bestaan uitzonderingen op de 180-dagenregel.
4. Heffing bij ongelijke breukdelen tussen partners
Vanaf 2026 kan schenk- of erfbelasting worden geheven als een partner bij de ontbinding van een huwelijksgoederengemeenschap of bij de uitvoering van een verrekenbeding meer dan 50% van het gezamenlijke of te verrekenen vermogen verkrijgt. De heffing ziet op het deel boven 50%.
Er geldt overgangsrecht voor bepaalde huwelijkse voorwaarden en notariële samenlevingscontracten van vóór 16 september 2025 om 16.00 uur. Het overgangsrecht kan vervallen als de relevante verdeling daarna wordt gewijzigd.
Heeft u ongelijke breukdelen of een finaal verrekenbeding? Laat dan notarieel en fiscaal beoordelen wat de nieuwe regel voor uw afspraken betekent.
5. Vrijstellingen en tariefgrenzen zijn geïndexeerd
De vrijstellingen en de grens tussen de eerste en tweede tariefschijf van de erfbelasting zijn voor 2026 aangepast. De percentages hangen af van uw relatie tot de overledene en de waarde van uw verkrijging.
Gebruik voor bedragen altijd de actuele tabellen van de Belastingdienst; neem bedragen uit een ouder testament of overzicht niet automatisch over.
Wat kunt u nu doen?
- Controleer of uw testament en levenstestament nog bij uw gezinssituatie passen.
- Werk uw levensdossier bij.
- Leg recente schenkingen en de herkomst van het vermogen goed vast.
- Laat huwelijkse voorwaarden met ongelijke breukdelen of verrekenbedingen beoordelen.
- Noteer wie uw notaris, adviseurs en beoogde executeur zijn.
De regels zijn technisch en de uitkomst is persoonlijk. FinCentia helpt u om de praktische en financiële informatie te ordenen; voor juridisch of fiscaal advies wordt afgestemd met een notaris of fiscalist.
Bronnen en actualiteit
Laatst inhoudelijk gecontroleerd op 27 juli 2026: